Lid worden van de kerk van Christus
Jezus Christus predikte dat de doop noodzakelijk is als iemand lid wil worden van zijn koninkrijk of kerk (Johannes 3:5). De minimumleeftijd voor de doop is acht jaar. Op die leeftijd is iemand oud genoeg om te begrijpen hoe belangrijk de verbintenis is die hij of zijn aangaat. Jezus Christus nodigt iedereen uit die daar klaar voor is, ongeacht geslacht, huwelijkse staat of etnische afkomst, om lid te worden van zijn kerk. Voorafgaand aan zijn doop moet iemand in Jezus Christus geloven en zich bekeren van zijn of haar zonden. Als iemand zich eenmaal bekeerd heeft en begrijpt welke verplichtingen hij of zij op zich neemt door zich bij de kerk aan te sluiten, kan hij of zij zich laten dopen. De doop gebeurt door onderdompeling door iemand die daartoe het gezag bezit. De persoon wordt daarna bevestigd als lid van de kerk en ontvangt vervolgens de gave van de Heilige Geest. Ook dit gebeurt door mannen die daartoe het juiste gezag bezitten. Zij leggen hun handen op het hoofd van de te bevestigen persoon, geven een zegen en verlenen deze prachtige gave. Na de doop wordt er van de kerkleden verwacht dat zij de geboden onderhouden en ernaar streven Christus te volgen.
|